Waarom zou je je aas laten opstijgen?
Omdat een dode vis plat op een sliblaag half wegzakt en dan nauwelijks zichtbaar is. Laat je hem opstijgen, dan steekt hij boven de bodem uit en valt hij van veel verder op. Op wateren met een dikke sliblaag of veel wier is dat vaak het verschil tussen wel en geen aanbeet.
Hoe krijg je een dode vis drijvend?
Door foam in de buikholte te brengen. Je maakt een kleine snee of gebruikt een naald met een foamstick, en duwt die naar binnen tot de vis net zweeft. Test het in een emmer water: hij moet langzaam opstijgen, niet als een kurk naar boven schieten, want dan trekt hij je onderlijn strak.
Hoe hoog laat je hem zweven?
Dat bepaal je met de lengte van je onderlijn en de hoeveelheid foam. Een halve meter boven de bodem is een goed uitgangspunt in helder water. Ligt er dik slib, ga dan hoger. Wil je hem juist rechtop laten staan met de staart omhoog, dan gebruik je minder foam en zet je het alleen in de kop.
Wat gebruik je erbij?
De naalden om het foam in te brengen staan bij aas naalden, en de gewichtjes om af te stellen bij dobber loodjes. De onderlijnen vind je bij doodaas onderlijnen en het lood bij lood.